Een constitutionele monarchie
Nederland is een constitutionele monarchie: het staatshoofd is een koning, maar zijn macht is beperkt door de Grondwet. Sinds 2013 is Willem-Alexander koning. De koning ondertekent de wetten en leest op Prinsjesdag de troonrede voor, maar de regering bestuurt het land. De ministers zijn verantwoordelijk, niet de koning.
Hoe ontstaat een regering?
Na de Tweede Kamerverkiezingen begint de formatie. Omdat geen enkele partij in Nederland alleen de meerderheid haalt, moeten partijen samenwerken in een coalitie. De afspraken komen in een regeerakkoord, en daarna wordt het nieuwe kabinet benoemd.
Op Prinsjesdag — de derde dinsdag van september — leest de koning de troonrede voor met de plannen van de regering voor het komende jaar. De minister van Financiën presenteert dan de begroting (de miljoenennota).
Vier bestuurslagen
Het Rijk: de landelijke overheid (regering en parlement in Den Haag).
De 12 provincies, elk met Provinciale Staten en een commissaris van de Koning.
De gemeenten, elk met een gekozen gemeenteraad. De burgemeester wordt benoemd, niet rechtstreeks gekozen.
De waterschappen, met een eigen gekozen bestuur voor het waterbeheer.